Het mat ’64 was decennialang een vertrouwd beeld op het Nederlandse spoor. Wat begon met het Treinstel Toekomst in 1961, groeide
uit tot de ruggengraat van het reizigersvervoer van de NS: geliefd, verguisd, maar vooral robuust en betrouwbaar. Vierwagenstel 501
werd de stamvader van de materieelsoort die in aantallen de grootste werd bij de Nederlandse Spoorwegen. In vijftien jaar tijd werden
31 vier- en 246 tweedelige exemplaren gebouwd. Hoewel men dacht dat dit materieel nooit dertig jaar dienst zou doen, zoals het degelijke
stroomlijnmaterieel, hielden de meeste treinstellen het aanzienlijk langer vol: 55 jaar na de introductie van de 501 verdwenen de laatste uit
de reizigersdienst bij NS. Sommige exemplaren haalden zelfs 46 dienstjaren.
De lotgevallen van mat ’64 zijn tussen 2011 en 2017 uitgebreid beschreven in een reeks artikelen in Op de Rails, het maandblad van de NVBS –
Railvereniging van toen en nu. Deze artikelen zijn door Michiel ten Broek en Raymond Kiès geactualiseerd, waar nodig herzien, aangevuld en
met talrijke illustraties gebundeld in twee boeken. Het eerste boek, dat in mei 2026 verschijnt, beschrijft de geschiedenis van de elektrische
treinstellen van NS, de weg naar het Treinstel Toekomst en de levensloop van de vierwagenstellen tot het einde in 2010. Het tweede deel, dat
later zal verschijnen, behandelt de tweewagenstellen, inclusief de lotgevallen van de Karel en treinstel 904, dat zelfs in mei 2025 bij Keolis
terugkeerde in de reguliere dienst.


mvg,
Gert